.
.
.
+++
Onschuld heeft altijd betrekking op onze lichamelijkheid, schuld op onze geestelijkheid.
+++
Brussels Airport is nu met reden de nieuwe ‘koningin der badsteden’. Op het Klein Strand van Zaventem staat het ondertussen reeds vol verdwaalpalen. De gretige meeuwen dragen er zonnebrillen.
+++
Zou vandaag nog gelden dat wanneer je naar het Westen reist, je onvermijdelijk in het Oosten terechtkomt (en vice versa)? In ieder geval heeft niemand het ooit in zijn hoofd gehaald om het Zuiden te willen bereiken door naar het Noorden te reizen (en vice versa).
+++
Het aantal fobieën is het laatste decennium sterk toegenomen: homofobie, islamofobie, etc. Elke mening die niet strookt (ja, met wat?) krijgt meteen het etiket van een geestesziekte opgeplakt en dit net door lieden die zich blijkbaar nog levendig herinneren dat destijds ‘dissidenten’ in de Sovjet-Unie meteen behandeld werden voor een inheemse vorm van schizofrenie. Maar we moeten het geografisch niet zo ver gaan zoeken. ‘Je bent gek’ is altijd de aanval en de verdediging geweest van dwaze lieden die evenwel ook de macht hadden of hebben om anderen à la carte gek te verklaren en levenslang op te sluiten in een of andere fysieke of mentale gevangenis.
+++
Nog eens over ‘vroeger’ versus ‘nu’ (of ‘later’). Voorheen werd gezegd: “We hebben recht op een menswaardige behandeling, op billijke lonen, op onze privacy, etc.”. Nu houden we het kort: “We hebben recht op.” Vergelijk ook met: “Het moment zal komen dat.” en “Ik was zo blij als.” Of ook: “Messi trapt naast.”, meer nog: “Messi trapt.”, en waarom niet: “Messi!”
+++
Of iets goed of slecht oogt, hangt niet in eerste instantie af van de plaats vanwaar je kijkt. Wél van het soort onderscheid tussen goed en slecht dat beslag heeft gelegd op je ogen. En of je ogen wel geteisterd zijn door een dergelijk arbitrair onderscheid.
+++
Taal slaat, sinds onvolmaakte mensenheugenis, altijd op het onzichtbare, het onhoorbare, het onruikbare, etc. Taal vertolkt het denkbare. Of dit eeuwig zo zal blijven, is hoogst twijfelachtig. Naast tekenen zijn er in de geschiedenis immers ook altijd voortekenen geweest. En deze zijn er nu ook.
+++
Over het eigentijdse. Hoe dichter mensen bij (of naast) elkaar samenleven, hoe meer sirenes van politie- en ziekenwagens de straatgeluiden kleuren (sic). Zelfs (en zeker) als het feest is. De Zang van de Sirenen was ook al in de klassieke Oudheid zeer populair en de rots waar ze optraden, trok massa’s toeristen van Noord-Afrika tot de Zwarte Zee. Had toen een zekere Philips de cd ontworpen, dan was de referentie zeker niet de duur van de Negende Symfonie van Beethoven geweest, maar de duur van de Zang van de Sirenen.
+++
Over het eigentijdse. Het woord ‘vrouwmens’ is nog altijd dagelijks op caféterrasjes te horen. Vermoedelijk zelfs in hogere frequentie dan het woord ‘mens’.
+++
Over Helmut Gaus Mentale langegolfbewegingen. Krijtlijnen tot 2021. Gent, Academia Press, 2010 (ondertussen half gelezen). ’Lange golven’ of cycli van menselijke gedragspatronen die ongeveer 50 jaar beslaan en die de (moderne) geschiedenis, met opgaande en neergaande fasen, kleuren. Moeilijk te verklaren maar nogal gemakkelijk aan te wijzen, zowel zuiver ‘economisch’ als ‘cultureel’ of ‘psychosociaal’ (in de kleur van de zomerjurken waar vrouwen zich mee tooien bijvoorbeeld). We zouden ons nu bevinden in een opgaande fase die haar piek moet bereiken rond 2020. Intrigerend fenomeen dus. Gek maar niet krankzinnig. Terecht merkt Helmut Gaus meer dan op dat vrees voor concrete gevaren (de ‘Mexicaanse griep’, de ‘vreemdelingen’, de ‘Chinezen’, etc.) in dal-fasen bedoeld is om een altijd wel aanwezige maar dan verhoogde angst, die altijd diffuus is en zonder object, te milderen en te beheersen. Al even terecht plaatst hij als onschuldige historicus de psychologen op achterstand wanneer hij een klaar onderscheid maakt tussen angstagressie (dominant in neergaande en dal-fasen) en lustagressie (toonzettend in opgaande en piek-fasen). Het verwarmt mijn hart te lezen dat in de opgaande fase waarvan we nu deel uitmaken, de waarde van durf en lef in aanzien stijgt (als tegenpolen van gebrek aan zelfvertrouwen). Dat belooft voor de tien jaren die mijn lijf en leden nog resten. Ik had bij mezelf al gemerkt dat die durf en lef, waaraan ik toch mijn leven te danken heb, de laatste twee decennia flink ondergesneeuwd waren geraakt, maar stilaan weer hun rechten zijn gaan opeisen. Durf zou echter – hoewel: logisch eigenlijk – hand in hand gaan met oorlogsbereidheid. Neergaande fasen typeren zich door blinde ‘anarchistische’ opstanden, opgaande fasen door Grote Oorlogen (de Slag van Waterloo, WO I en WO II voltrokken zich alle in een opgaande fase, om niet te zeggen piek-fase). De Oorlog blijft dus de Vader van Alle Dingen, al is het nog steeds niet duidelijk wat nu eigenlijk de precieze eigentijdse betekenis was van het Oudgriekse woord ‘polemos’ (‘oorlog’) zoals Herakleitos dit hanteerde. De woorden ‘polemos’ en ‘polis’ (de omheinde, ommuurde en dus ook tegen barbaarse vijanden te verdedigen Stad) hebben dezelfde wortels. We houden het hierbij: het is etenstijd! “Schat, kan ik het zout even?”
+++
Genieten van (‘Enjoy!’ zoals Coca-Cola ons jarenlang aanmaande) is een zaak van ordinaire mensen geworden. Mensen met smaak savoureren, wat een kunst zou zijn die uiteraard alleen op een genetische aanleg voor blauw bloed kan berusten. Geen nood: de tijd dat mensen met smaak zich weer in gestileerde werkmanskleding zullen hullen, zal zeker niet lang meer op zich laten wachten. Hoewel: werkmanskleding? (Het woord is niet eens goedgekeurd door de Taalunie.)
+++
Onze poezen slagen er na negen jaar nog altijd niet in om, wanneer ze tv kijken, te begrijpen waar die topneuroten het eigenlijk over hebben. Ze hebben dan ook op Facebook een pagina aangemaakt om steun te werven voor hun voorstel om niet alleen reclame maar ook de programma’s zelf te kunnen doorspoelen.
+++
De toenemende vraag van de burgers naar meer transparantie zal ongetwijfeld de budgetten van de over het land verspreide ministers van Volksgezondheid verlichten. Alleen gelukkige mensen zijn immers nieuwsgierig, zo wist Nietzsche al en hij was niet eens de eerste om deze vaststelling wereldkundig te maken. Anderzijds mag hierbij toch ook gewezen worden op het ‘enerzijds… anderzijds’-principe. Want in het ongewisse blijven over een zaak levert bij een lange trein- of vliegtuigreis welgekomen stof op voor ontspannende en bevredigende dromen.
+++
Witwaspraktijken kunnen alleen maar volgen op zwartmaakpraktijken. Dit geldt voor elke soort was.
+++
Schrijven is een uitstekende remedie tegen lezen. En in vergelijking ook nog spotgoedkoop. Het bespaart de ziekteverzekering massale uitgaven voor de terugbetaling van in boek- of magazinevorm gepresenteerde medicijnen. Niet schrijven werkt uiteraard nog veel beter.
+++
Over Jef Lambrecht De Arabische Cocktail: Van revolutie tot contrarevolutie. Leuven, Van Halewyck, 2013. Had de zogenaamde Arabische Lente niet plaatsgegrepen wanneer het bij ons volle winter was (deze van 2010-2011), maar tijdens een extreem langdurige zomerse hittegolf, dan had men iets langer in de Van Dale moeten bladeren om het gepaste vocabularium te vinden.
+++
Over Jef Lambrecht De Arabische Cocktail: Van revolutie tot contrarevolutie. Leuven, Van Halewyck, 2013. Op de binnenflap valt te lezen: “Jef Lambrecht is de hedendaagse Flavius Josephus, maar dan op het vlak van Arabieren in plaats van joden.” Uiteraard is de auteur zelf niet echt verantwoordelijk voor deze heiligverklaring, maar hij zal er dan toch mee ingestemd hebben. Gelukkig weet misschien amper 1 op 25.000 Nederlandstaligen wie die Flavius Josephus is. Wel: Flavius Josephus is onze enige historische bron over de befaamde Salomé, die eeuwen en eeuwen later en tot op vandaag als icoon van de femme fatale werd en wordt opgevoerd. Maar Flavius Josephus zelf had niet bepaald ogen en oren voor deze proto-porno. Flavius Josephus (37 – circa 101 n. Chr.), de Joods-Romeinse geschiedschrijver over de nederlaag van de Joden in hun lokale strijd tegen de Romeinse overheersing van het Oostelijk gebied van de Middellandse Zee (1ste eeuw n. Chr.), had de verdienste uit te gaan van een veel breder en veelzijdiger blikveld, zowel in tijd en ruimte, dan dat van de auteur van deze typisch beroepsjournalistieke cocktail, eigenlijk een correctie, hier en daar zelfs een ommezwaai, van een pas twee jaar geleden geschreven boek van dezelfde auteur over dezelfde kwestie. Flavius Josephus’ geschiedschrijving van de Joden als volk en zijn verslagen over de oorlog tussen Joden en Romeinen hebben de tand des tijds doorstaan en worden anno 2013 nog altijd gelezen. Na de hagiografische lofzang van de uitgever op de cocktailauteur als een hedendaagse Flavius Josephus, een lofzang die meteen de wenkbrauwen doet fronsen en iedereen achterdochtig hoort te maken, ontsiert een merkwaardige slotparagraaf van de Proloog definitief onze bereidheid om dit boek ernstiger te nemen dan een reeks journalistieke weetjes, details en anekdotes: kortom als slaapkamerliteratuur. Laten we onze kijk op deze zaak iets algemener verwoorden. Elk boek dankt zijn receptie op een zekere gedurfdheid van de eerste bladzijden. Gedurfdheid raakt je in de mate dat ze latente inzichten van jezelf op een radicale en heldere wijze profileren en dat je met deze latente inzichten plots als figuur tegen een achtergrond wordt geconfronteerd. Óf wanneer de inhoud van deze gedurfdheid de grond van je denken en je overtuigingen weet aan wankelen te brengen en ruimte biedt om deze grond zowel ‘redelijk’ als ‘emotioneel’ te herzien. Maar wat lezen we als slotzinnen van deze Proloog, die volledig opgehangen is aan de zielige dood en het zielig doden van de Libische leider Kadhafi, die ook door de auteur zelf nog eens nodeloos vernederd wordt door hem ‘kolonel’ te noemen, wat hij al decennia niet meer was? “Intussen bleef niets nog heel van een van de sterkste mediataboes: het tonen van iemand in doodsnood. Het elementaire respect voor de menselijke waardigheid en het intieme en persoonlijke karakter van de dood moesten wijken voor morbide pornografie. […] De proliferatie van beelden van de dode kolonel toonde andermaal hoe de technologie ons wereldbeeld en een algemeen aanvaarde moraal onmerkbaar maar ingrijpend verandert.” (p.16). Wat een geleuter! Er is nooit een mediataboe geweest op het ‘tonen van iemand in doodsnood’! Integendeel! Twee millennia van precies onze eigen christelijke cultuur en beschaving hebben mateloos geteerd op het ostentatief en systematisch tonen van éne Jezus (die toen nog geen Christus was) in doodsnood aan het kruis, op alle plaatsen waar een mens alhier ook maar kon komen. En niet alleen de doodsnood van Jezus werd getoond, ook deze van om het even wie, zowel in non-fictie-beelden als in fictie-beelden. Het tonen van iemands doodsnood, zeker die van de slechterik, is net één van de pijlers van onze cultuur! (Het ‘taboe’ waar Jef Lambrecht het over heeft, betreft het gegeven dat de beelden over het doden van Kadhafi ons allen onthulden welke bloeddorstige barbaren en schurken wij zelf ingehuurd en betaald hadden met de opdracht om in Libië zogezegd ‘democratie en mensenrechten’ in te voeren, m.a.w. om er alles wat recht stond kapot te schieten. En dat wij dit hoogtepunt van het theatergenre dat democratie-export heet, zouden mogen aanschouwen, was uiteraard niet de bedoeling. Of toch?)
+++
Algemene conclusie van deze regenachtige dag: 1) Lezen schaadt de gezondheid; 2) Lezen brengt je in de verleiding om gezwollen aforismen te schrijven over de verkeerde onderwerpen, over onderwerpen beneden je waardigheid; 3) Het lezen van niet in het Engels, Frans, Spaans, Chinees, Russisch, Arabisch of West-Vlaams vertaalde Nederlandstalige boeken is niet eens aangewezen wanneer het buitenhuis geen weer is om een hond door te jagen.
+++
Even 48 uur temporiseren dus!
.











